Inleiding
De grote stad New York is begonnen als Nieuw Amsterdam. De eerste 40 jaar dat de Nederlanders daar aanwezig waren, probeerden zij hun plek te vinden in de nieuwe wereld, naast en vooral ten koste van de reeds aanwezige bevolking.
Het Nederlandse optreden en de gevolgen ervan voor de "First Nations", zijn zorgvuldig onderzocht. In juni 2008 vond in New York een gebedsactie plaats, "Wall Street Initiative", die als bedoeling had het Nederlandse optreden van die jaren geestelijk "te verwerken".
In drie artikelen wordt de geschiedenis 1624-1664 weergegeven en de opzet en het verloop van de gebedsactie. Bij deze actie werd Nederland vertegenwoordigd door een delegatie van de Verzoeningscoalitie Nederland (VCN). 1)
"Het Nederlandse optreden naast en vooral ten koste van de reeds aanwezige bevolking" geeft al aan dat dat optreden naar huidige maar ook naar toenmalige maatstaven in grote lijnen als afkeurenswaard moet worden beoordeeld. In feite speelden zich drie drama's af, waarin goede bedoelingen, onbegrip, hebzucht, heerszucht, wreedheid en overlevingsdrang elk een rol speelden:
1 Het drankdrama, het voorliggende artikel;
2 Het Wall Street drama,
3 Het evangelisatie drama.
Het tweede en derde drama worden in volgende artikelen beschreven. In Nederland spreken we traditioneel over "Indianen" (Indians), een term die in Amerika, Noord en Zuid, eigenlijk vrijwel niet meer wordt gebruikt. Meest wordt gesproken over "First Nations" of "Native Americans" of "Natives", de Oorspronkelijke Bewoners.
De geschiedenis van de drank
In 1609 landde Henry Hudson, een Engelsman in opdracht van de Oost Indische Compagnie, op het eiland dat we nu kennen als Manhattan. Hij gaf alcohol aan de locale bevolking in ruil voor huiden. Hudson gaf ook een dringend advies aan zijn opdrachtgevers op deze plek een handelspost te vestigen, vanwege de uitstekende ligging van deze baai als natuurlijk beschermde diepe haven temidden van een handelsbereide bevolking met een overvloed aan prachtige huiden. De VOC negeerde dat advies, omdat huiden geen hooggenoteerd handelsproduct was.
In 1621 werd de West Indische Compagnie (W.I.C.) opgericht, en deze ging wel tot actie over: in 1624 landde een bemanning met als opdracht een permanente handelspost, Nieuw Amsterdam, op Manhattan in te richten, en de inmiddels bestaande handel uit te breiden. Dat wil zeggen: De Nederlandse aanwezigheid in Nieuw Amsterdam was van het begin af uit op winstgevende handelscontacten, waarbij gebruik werd gemaakt van alcohol.
Het patroon van alcoholisme
Native Americans hadden een dubbele reactie op alcohol. Enerzijds konden ze er niet tegen en waren ze al snel dronken en ook snel verslaafd. Anderzijds, vonden ze dronkenschap, bij hun eigen mensen en bij de blanken, zonder meer verachtelijk.
De eerste stokerijen in Amerika stonden op Staten Island en Hoboken, New Jersey (de onmiddellijke omgeving van Nieuw Amsterdam). Het alcoholgebruik was in heel Nieuw Amsterdam meer dan overvloedig, ook onder de dominees die de W.I.C. traditioneel naar de handelsposten meestuurde. De vermaarde Ds. Everardus Bogardus werd ervan beschuldigd "regelmatig niet in de dienst te zijn vanwege dronkenschap en zelfs dronken te zijn tijdens het H. Avondmaal". 2)
Het eiland Manhattan werd op den duur geassocieerd met alcohol. De Plaatselijke Bevolking bedacht op de klank af de bijnaam Mahahachtaniek: "plaats van algemene dronkenschap". 3)
Volgens de notitie van de W.I.C.-gouverneur W. Kieft was "meer dan een kwart van de gebouwen [in Nieuw Amsterdam] drinklocalen en huizen waar niet anders dan tabak en bier te krijgen is... Onmatig drinken leidt dagelijks tot misdaad en immoreel gedrag". 4) (Zelfs nu is het aantal drankgelegenheden op Manhattan, meer dan 1000, buiten verhouding hoog.)
Alcoholgebruik ging een grote rol spelen in de onderhandelingen met de Native Americans. Toen de Hollanders merkten dat de Native Americans snel dronken werden, gingen ze systematisch alcohol aanvoeren om tot "gunstige" transacties te komen. Dit was niet alleen manipulatie en vernederend gedrag, het leidde ook tot systematische beroving van de Oorspronkelijke Bewoners. Zowel handelsproducten, zoals groente en huiden, als hun grond werden hen eenvoudig afhandig gemaakt (zie daarover ook artikel "Het Wall Street drama"). Volgens de "American Indian" historicus John A. Strong, hebben de Britten deze praktijk van het gebruik van alcohol in het zaken doen voortgezet. 5)
Langs de Oostkust werden Nieuw Amsterdam en Fort Orange (nu Albany, NY) bekend om hun alcohol-verkoop. Vanuit Nieuw Amsterdam is de vloek van het alcoholmisbruik verspreid over het gehele continent. Tot nu toe is alcohol de ernstigste oorzaak van sociale desintegratie onder de Oorspronkelijke Bewoners.
Tijdens de AriseAmerica Conference in Jamestown, Virginia op 9 juni 2007 (n.a.v. het 400-jarig "bestaan" van de VS), heeft een VCN-delegatie uitdrukkelijk op dit punt vergeving gevraagd. De reacties daarop waren heel sterk: Voorbidders hadden bij de voorbereiding van de conferentie het woord "liquor" ontvangen, wetend van het vreselijke alcoholprobleem onder de First Nations, maar niet wetend van enige oorzaak van het probleem. Anderen kwamen onder tranen bedanken, omdat de vloek, waar bijna geen First Nation gezin voor gespaard is gebleven, nu verbroken zou zijn.
De bittere vruchten
In 1642, ten tijde van Gouverneur Kieft, hebben enkele Opperhoofden de volgende klacht ingediend:
"Waarom verkoopt u brandy aan onze jonge mannen? Zij zijn er niet aan gewend - het maakt hen gek. Zelfs uw eigen mensen, die toch gewend zijn aan deze sterke drank, raken soms dronken en gaan met messen vechten. Verkoop geen sterke drank meer aan Indianen, als u wangedrag wilt voorkomen". 6)
In 1645 brak de "Whiskyoorlog" uit: een dronken Hackensack Native vermoordt een Hollander, maar de stam vertikt het de dader uit te leveren, met o.a. de woorden: "...het spijt ons dat we niet twintig christenen hebben vermoord". Er breekt dan een oorlog uit, waarbij de Oorspronkelijke Bewoners door angst en gebrek aan geweren meer verliezen lijden dan de Hollanders. Wat trouwens in het citaat van de Hackensack hoofdman opvalt, is dat hij de Hollanders of de blanken "Christenen" noemt. Niet alleen de drankverslaving is een bittere vrucht, maar ook het smaden van de Naam van Christus, die kennelijk door de Hollanders werd gebruikt.
De Lenape-Native Americans, de groep waartoe ook de Hackensack behoren en die de hoofdbewoners waren van de hele regio, zijn door het Hollandse gedrag hun erfenis kwijt geraakt, hun geliefde grond en hun waardigheid. In plaats van het evangelie te ontvangen voor hun geest, werd hun geest verduisterd door verslaving, door geweld, door verarming en op den duur door verdrijving van hun grond. De Lenape zwierven naar Pennsylvania, toen naar Missouri en nu wonen ze, zeer verarmd en met veel drankverslaving, met ongeveer 9000 in reservaten in Ontario, Noord Canada!
Hoe kwam de VCN-delegatie in New York?
Het recente contact van de Nederlanders met de Native Americans had een bijzondere voorgeschiedenis.
Tijdens een gebedsleidersconferentie in 2002 in Kaapstad stond opeens een Native Americansleider voor ons: "Toen 9/11 gebeurde hebben we ons afgevraagd: Wanneer zouden de Hollanders komen en schuld belijden voor de massamoord in 1643 op de Wappingers, op wat nu Manhattan (en Ground Zero!!!) is?" Door 11/9 was het oude onrecht (over de massamoorden in het volgende artikel) scherp tot leven gekomen en wij waren de eerste "'Hollanders'' die deze chief daarna ontmoette. We hebben spontaan geantwoord: "Zeg maar wanneer we waarvoor moeten komen". Zij zijn intensief onderzoek gaan doen naar wat zich heeft afgespeeld onder de W.I.C. (o.a. in recent ontdekte archieven). Het contact leek te verlopen, maar in januari 2007 ontstond "toevallig" een contact met een andere leider; in september 2007 liep Helene in New York "toevallig" de man uit Kaapstad tegen het lijf; in maart 2008 ontmoetten we in Brussel "toevallig" een gemeenschappelijke vriend die wist dat het "Wall Street Prayer Initiative" in mei of juni zou plaatsvinden. Zo hield God ons verbonden! Zo kwam er dus een VCN-delegatie in New York!
En zelfs toen we de datum al wisten kregen we nog een mailtje:
"Dit is geen 'platform-schuldbelijdenis', dit is schuldbelijdenis-op-locatie, op misschien wel 40 locaties!... De Hollanders hebben de Wappingers afgesneden van hun bestemming, hun van hun erfenis beroofd, en in plaats van hen het evangelie te brengen brachten ze de vloek van alcohol - die tot heden toe een enorm effect heft op de Oorspronkelijke Bewoners. De Native American Deelnemers denken heel concreet aan te eniger tijd een vorm van herstelbetalingen."
Met deze voorbereiding kwam er dus een VCN-delegatie in New York!
Wat gingen we doen?
Het plan van Ivan en Linda Doxtotor, een Iroquoi-Cherokee echtpaar, erkende en ervaren pastorale werkers onder Native Americans, en van voorganger Marc Perri, een onderzoeker van formaat, getuigde van grote visie. Ongeveer veertig locaties waren vastgesteld waar bloed was gevloeid of ander onheil was gesticht, verdeeld over de vijf boroughs (stadsdelen) Staten Island, Brooklyn, Bronx, Queens en Manhattan. Naar elk van de stadsdelen gingen we één dag, ontmoetten in een kerkgebouw, dat voor die dag de basis was, de voorgangers uit het stadsdeel, bespraken daar het plan voor de dag, en dan werd het team verdeeld in deelnemers op locatie en voorbidders op de basis. Voor de meeste voorgangers was het nogal confronterend te horen wat op "hun" gebied was gebeurd, en wat misschien wel oorzaak was van stagnatie in de gemeente! Mark Perri had niet alleen grondig en creatief onderzoek gedaan, maar het studiemateriaal ook overzichtelijk beschikbaar gemaakt voor de voorbidderactie. We wisten wat we gingen doen.
Schuldbelijdenis
Toen we bij de voorbereiding om een woord vroegen, werden we geleid naar:
"Wee hem die zijn naaste doet drinken en er uw gif bijmengt en hem ook dronken maakt om hun naaktheid te aanschouwen" (Habakuk 2:15).
Als we anderen dronken voeren met een slecht doel, dan liggen we onder een vloek. Dat is een Oudtestamentische waarheid, die door de komst van Jezus niet is achterhaald. Maar door in ootmoed en geloof een beroep te doen op het offer van Jezus' bloed, kan zo'n vloek wel worden verbroken. Dat was onze taak.
Daar stonden we dan, op de eerste dag van de actie, bij een plaquette: "Op deze plaats stond de oudste stokerij"... en in deze omgeving ontstond de "whiskyoorlog" (1645; dat stond niet op de plaquette, maar dat ontdek je als onderzoeker met geestelijke ogen).
Daar stonden we dan, voor een Lenape-moeder en -dochter, wat onwennig uit Noord-Canada ingevlogen om schuldbelijdenis aan hun stam in ontvangst te nemen. We kunnen niet anders zeggen dan dat we vanaf dag één Gods zalving op deze actie ervoeren. Bij ons schuld belijden kunnen wij de schuld niet dragen, kunnen we geen berouw spelen, geen tranen maken, maar als we knielden dan gaf de Heer wel echtheid, en ook vaak tranen. Voor deze twee vrouwen was, zeiden ze achteraf, het ervaren van de aanwezigheid van God en van de diepgang van zijn werk intenser dan ze ooit hadden meegemaakt.
Ook op andere plekken hebben we gestaan, voor drankdistributie, voor het misleiden van Oorspronkelijke Bewoners, voor het hen indirect verdrijven van hun geboortegrond. Zij ervoeren en wij ervoeren: dit zijn "nationale" zonden, op de schaal van de stammen, op de schaal van de WIC (die een door de staat goedgekeurde multinational was!).
Waar gaat het om?
Toen het tot ons doordrong dat het Hollandse gedrag door de buitenstaanders "christelijk" werd genoemd, kennelijk omdat het door de W.I.C. onder die vlag werd gebracht (!), kwam bij ons de vraag op: "Is er een relatie tussen dit gedrag en de zuipketen van jongeren in de Nederlandse biblebelt?" Dat blijft een open vraag. Maar precies in de week dat wij in New York schuld beleden over zonden in naam van zulk een dood christendom,gebeurde in Nederland, in de biblebelt, iets opmerkelijks: "Bekeringsbeweging onder reformatorische jongeren". 7) Of er een verband is, ook dat blijft een open vraag.
Maar drie dingen zijn geen open vragen:
Allereerst: (westers) individualisme sluit de ogen voor een geestelijke waarheid, namelijk dat God ook volken op het oog heeft en dat de Gemeente er is voor haar stad en volk, en voor verzoening tussen de volken.
Ten tweede: de Initiatiefnemers van dit gebedsinitiatief waren bijzonder blij met onze komst en inzet. God wil "een keer brengen in het lot van" de First Nations van Amerika. Ook al hadden ze ook nog over herstelbetaling willen praten! Ze hebben als volk geleden en de pijn gedragen; nu konden ze als volk genezing (beginnen te) ontvangen.
Ten derde: we moeten beseffen dat de vloek over Nederland niet fictief is, of overdreven, of vanzelf met de tijd overgaat. De pijn bij de First Nations, en hun lijden en verslaving en armoede gaan ook niet vanzelf weg.
Waar zonde heerst kan het leven niet bloeien. Als zonde zonde wordt genoemd, nationale zonde nationale zonde wordt genoemd en in het licht wordt gebracht, kan genade vloeien. Daar gaat het om, dat we als volk, als natie, waarheid zeggen en doen en zijn, voor God en de mensen.
Zie ook 2. Wall Street drama, en 3. Het zendingsdrama.
Eindnoten:
De Verzoeningscoalitie Nederland (VCN) wordt gevormd door de stichtingen Boete & Verzoening, Cornerstone en Serving the Nations. De delegatie bestond uit Pieter en Helene Bos (StN), Wout Bouwman (B&V) en Ina Davidse.
Voor dit artikel is gebruik gemaakt van de, uitstekende, research van Mark Perri, pastor en activist in een kerk in Flushing, Queens NY. terug naar het artikel.
Donna Speer Ristenbatt, Religion in New Amsterdam. terug naar het artikel.
Evan T. Pritchard, Native New Yorkers (San Francisco: Council Oak Books, 2002), p. 35. terug naar het artikel.
Edwin G. Burrows & Mike Wallace-Gotham: A History of New York City to 1898 (London: Oxford University Press p. 33. terug naar het artikel.
John A. Strong, The Algonquian Peoples of Long Island From the Earliest Times to 1700 (New York: Empire State Books Interlaken, 1997), pp. 261. terug naar het artikel.
History of the State of New York, p. 348. terug naar het artikel.
Joel News 363, 8 juli 2008. terug naar het artikel.